DE KORFBANK

<< Terug naar Artikelenindex
Uit Vlechtbulletin nr. 13, 2007

door Maurice van der Molen



Voorspel
De afgelopen twee jaar reisde ik diverse malen af naar landgoed Domaine le Moiron in de Haute Marne in Frankrijk om daar een vriend te bezoeken. De eigenaar runt hier met een vereniging een woon-werkgemeenschap en vakantieoord onder de naam Lothlorien.

Sinds enkele jaren ben ik aan het experimenteren met het vlechten van allerlei tuinobjecten van wilgenteen. Na het vlechten van vele praktische objecten voor mijn moestuin op Texel, kreeg ik de smaak te pakken en wilde grotere, meer vrije objecten maken.
Ik kreeg gelukkig al snel de kans bij vrienden in Zeeland. Zij hebben een enorme tuin en bij een bezoek in 2005 moesten er wat wilgen geknot worden. Dat liet ik mij geen tweede keer zeggen en deed hen meteen het voorstel om van het restmateriaal een zodenbank te maken. Ze gingen heel dapper akkoord, niet wetende wat ze in hun tuin zouden krijgen. Dezelfde dag nog maakte ik mijn eerste bescheiden zodenbank.

De zodenbank is waarschijnlijk een middeleeuws Europees bedenksel; het is een van wilgentenen gevlochten zitbank waar verliefde paartjes zich konden neervlijen.
Rond een boom - liefst een appelboom, als symbool van het paradijs - werd eerst een bak gevlochten van wilgentenen. Deze werd gevuld met aarde en afgedekt met een geurige kruidenlaag waarop het paartje kon zitten. Al zittend en schuifelend met het achterwerk deed men de aromatische geuren van de kruiden vrijkomen, en zo geraakten de geliefden nog verder in vervoering.


Eerste zodenbank in Zeeland

Niet lang daarna kon ik ook een andere vriend enthousiasmeren. Deze vriend heeft een tuinhuisje net buiten Amsterdam en vroeg mij om advies bij de tuinaanleg. Ik splitste hem een ovaal terras in de maag, omgeven door twee zodenbanken. Ik vond in het nabij gelegen struweel genoeg wilg. Hij had nog wat graszoden over die ik goed kon gebruiken voor de afdekking. Gras is natuurlijk niet zo geurig als een kruidenlaag maar het zit wel comfortabel, en we willen tenslotte ook lekker zitten als we niet verliefd zijn.
De vlechtmethode is eigenlijk zo simpel dat iedereen het kan doen. Dat is voor mij ook weer een minpunt: ik ben kunstenaar en ontwerper van beroep en wil iets dat niet standaard is. Om het geheel net wat anders (opvallender) te maken, ben ik wat uitbundiger gaan experimenteren met vormen en heb ik de banken door laten open in de borders en paden. Dit had ik al gedaan in mijn moestuin maar hier kreeg het geheel een bijna Art-Nouvea-achtige organische vorm en uitstraling. Het zag er gezellig uit.
Al snel bij de aanleg werd mijn vriend echt enthousiast - na de eerste vrees voor het onbekende - en op een tuinfeest een week later werd er door de ruim dertig bezoekers uitbundig gebruik gemaakt van het terras en de banken. Er werden zelfs enkele bestellingen geplaatst!… maar deze bleken niet echt serieus.


Zodenbanken, borders en terras in aanleg in Amsterdam West

Terug naar Frankrijk. Ik had de eerste keer dat ik op Domain le Moiron kwam - in najaar 2005 - de eigenaar alles verteld over de mogelijkheden van wilgen als bouwmateriaal. We bevonden ons vlak onder de streek van de Vannerie dus ik kon het niet nalaten hem hier ook mee te belagen. Hij was niet bekend met het onderwerp vlechten maar ik kon mijn gang gaan. Op zijn landgoed biedt hij de ruimte om allerlei initiatieven te ontplooien dus echt vreemd vond hij mijn plannen niet. Bovendien proberen ze alles ecologisch te doen en daar sloot dit mooi bij aan.
Al snel kwam ik tot de ontdekking dat er nergens wilgen te bekennen waren, terwijl je 50 kilometer naar het noorden over ze struikelt! De plannen vielen in duigen en ik besloot in ieder geval alvast een bescheiden griend aan te leggen met stekken van enkele op kraakwilgen gelijkende bomen. Het was in ieder geval iets om me op uit te leven en wie weet zou ik hier nog terugkomen.

Dat was al in maart 2006. Ik kreeg samen met drie vrienden het verzoek om het landgoed te beheren en voor de gasten te zorgen in afwezigheid van de 'landheer'. We hadden dit namelijk gekscherend voorgesteld opdat eigenaar Lucas eens voor het eerst sinds jaren op vakantie kon. Tegen onze verwachting ging hij hier op in. We hadden 14 hectare Frans landgoed tot onze beschikking!
Gasten dienden zich niet aan dus in de praktijk was de taak voornamelijk het één- of tweemaal per dag open en dicht draaien van de sluis van het stuwmeer. Dit ten einde de turbine aan te drijven die het huis verwarmde. We werden meesters in het doseren van de schaarse energie dat dit opleverde in deze droge en koude periode.

Tijd genoeg dus om andere dingen te doen. Mijn griendje stond er belabberd bij maar ik ontdekte genoeg andere lange vlechtstaken. Ik besloot het maar gewoon te proberen met wat er wel voorradig was in de omgeving: beuk, haagbeuk, es en veel hazelaar. Ik had al ontdekt dat je met deze organische manier van bouwen alle kanten op kan, alles is mgelijk: schuilhokjes combineren met zitbanken, schuttingen, hekken, houtopslag, hutjes, geitenstal, kippenren… en dit alles aaneenvlechten tot één groot kunstwerk…
Maar dat is toekomstmuziek. Om de eigenaar niet al te laten schrikken bij zijn terugkomst besloot ik om een bescheiden object te maken langs de zuidoever van het stuwmeer. Ik wilde het principe van de zodenbank combineren met een houtril en dit alles aaneenvlechten tot een groot zitbaar landschapselement. De houtril was bedoeld om als schulplaats van allerlei insecten, amfibieën en misschien zelfs egels te dienen.


Toekomstige Angolese grootgrondbezitter op zodenbank

Uiteindelijk kreeg het object een lengte van zeven meter. Ik maakte van voornamelijk beuk en hazelaar drie rijen staanders in een S-vorm, aan één kant uitlopend in een punt. De middelste maakte ik hoger om te dienen als rugleuning en de achterste staken eveneens, als steun voor de vulling van de houtril. De voorste bak vlocht ik op zithoogte en vulde ik op met sprokkelhout. Vervolgens egaliseerde ik alles met rotte houtpulp en dekte alles af met een dubbele laag sparrenschors. Dit laatste is ideaal om op te zitten: na regen droogt het snel op en bovendien rot het nauwelijks.
Met dezelfde technek herstelde ik oktober 2006 ook nog een stuk erfafscheiding van zo'n acht meter.

De Korfbank
In mei van dit jaar ben ik voor de vierde maal op Moiron. In mijn hoofd had ik al een overkapte zodenbank onworpen die ik deze vakantie hier wil maken. Landgoedeigenaar Lucas wil wel een bank aan de noordkant van het stuwmeer.
Ik zoek een geschikte plek met een mooie doorkijk op het meer. Schuin-links aan de overkant is er zicht op de andere bank. Ik verzamel eerst staken van zo'n 4,5 meter. Helaas is de grond keihard en vol stenen dus moet ik de gaten voorgraven en inhakken met een pikhouweel. Dit blijkt een enorme klus. Het wordt een dag werk. Regelmatig rust ik uit en ga ter afwisseling wat vlechtmateriaal halen. De staken staan wel direkt klem en blijven mooi overeind staan.


Eerste fasen van de korfbank

De volgende dag begin ik met vlechten. Met wilgentenen kun je 'draaiers' maken, met de tenen die ik hier gebruik lukt dat niet. Toch moet ik de buitenste staanders verankeren om te voorkomen dat het bouwwerk uit elkaar valt. Nu moet ik improviseren en besluit vlechttakken te zoeken met een dwarstak die ik om de staander heen kan haken: een soort weerhaak-anker. Om de twintig cm vlecht ik er twee soms vier in.
Na zo'n 60 cm hoogte, breng ik de staanders aan de top bij elkaar om alvast de juiste vorm voor de kap te krijgen.
Sommige aspecten van de bank moet ik nog uitdokteren dus ik besluit alvast de staanders voor de leuning te maken. Ik besluit dat ik hiervoor niet weer gaten ga hakken maar dat ik korte puntige staanders van zo'n halve meter met een moker de grond in ram, deze vol vlecht om vervolgens de werkelijke staanders in het vlechtwerk te steken voor verankering.
Ook de staanders voor de voorkant van de bank sla ik alvast de grond in. Deze kan ik alvast vlechten want die zitten me niet in de weg.
De staanders van de rugleuning laat ik op zo'n twee meter naar achteren buigend door de overkapping heen steken. Dit geeft een prettige kromming, ziet er estethisch leuk uit en verstevigd bovendien het hele bouwwerk, dat nu een extra diagonaal verband krijgt. Aan de achterkant steken deze staken vrolijk alle kanten op. Op deze hoogte vlecht ik tevens enkele vorkvormige takken in die kunnen dienen als kapstokhaakjes.


L: ankers houden buitenste staanders vast. M: kapstokhaakje. R: top van Bosrank

Het vlechten vordert langzaam. Hoe meer ik de top nader, hoe meer dunne tenen ik nodig heb die ik steeds verder weg moet halen. Ik voorzie ook nog problemen voor het laatste stuk van de top omdat de tenen die ik gebruik niet flexibel genoeg zijn. Ik ga zoeken naar een andere oplossing. Tijdens het tenen verzamelen heb ik meerdere malen Bosrank gezien, misschien is dat wat. Bosrank is een rankende plant die vanaf de grond zich een weg baant naar allerlei boomtoppen. Het ziet er uit als een liaan. Aan de voet kan de steel-stam soms wel polsdik worden en helemaal verhouten. Het lijkt het juiste materiaal te zijn; de dunne uitlopers zijn bijna zo soepel als touw. Het blijkt inderdaad ideaal om de top mee dicht te vlechten. Het nogal borstelige touwachtige uiterlijk geeft de top een extra accentje. Hoe duurzaam het is… dat is nog wel afwachten.

Het vlechten is nu klaar, de afwerking kan beginnen. Het zitgedeelte heb ik gevuld met grote stukken hout, vervolgens een laag droge rotte houtpulp en gesneden Bosrankresten om het geheel te egaliseren, en tenslotte een laag droge schorssnippers van de spar. In het hout-hak-hok ligt de bodem bezaaid. Ik haal een paar kruiwagens met snippers die ik aan de voet van de bank uitstrooi. Het project is klaar!

Om de vlechtcreatie in te wijden, heb ik de aanwezigen op het landgoed de volgende dag uitgenodigd voor een officiële opening. Ik maak een lintje van klimop dat de heer des huizes mag doorknippen onder het genot van champagne uit de streek en daarbij versgemaakte vlierbloesemsap. Moge hij het lang volhouden!
Hopelijk zal binnen tien jaar de omringende klimop de bank overgroeit hebben en blijft de bank - inmiddels Korfbank gedoopt - nog eens twintig jaar staan!


Landheer knipt 'lintje' door

Naspel
Afgelopen oktober ben ik teruggekeerd en stond de korfbank er nog mooi bij. De zomergasten hebben er veelvuldig gebruik van gemaakt. Omdat ik er nog niet genoeg van had, heb ik een paar dagen na het maken van de korfbank nog een kleine tweezitsbank langs de beek gemaakt. Deze bleek van de zomer bewoond te zijn door een mierennest. Dat verbaasde me eigenlijk niet. De rotte pulp waar ik de bank mee gevuld heb zat al vol met mieren. Blijkbaar zat de koningin er ook nog in. Nu was er niets te bekennen, maar ja, het was al oktober. Wel zijn enkele hazelaars in de rugleuning uitgelopen…

Volgend jaar mag ik op het domein een compleet retraite-paviljoen bouwen. Ik heb mijn parttime baantje al opgezegd om daar drie of vier maanden te vertoeven en te bouwen. Dan heb ik de kans om te leren bouwen met leem en/of kalksteen en wil ik dit combineren met vlechtwerk. Ik heb dit jaar ook de schoonheid van klimop leren kennen en wil daar de mogelijkheden van onderzoeken.
Ik wil alleen materialen gebruiken die in de directe omgeving te vinden zijn.

Maurice brengt veel van zijn tijd door in en met het buitenleven. Op zijn weblog www.wildplukker.nl doet hij verslag van alles wat hij beleeft, onderweg vindt en wat hij er mee doet in het dagelijkse leven.
Een uitgebreid fotoverslag van de Korfbank is te vinden in de maand mei 2007 op zijn weblog.